In Israël is met woede en ongeloof gereageerd op het voornemen van drie Europese landen een Palestijnse staat te erkennen. Noorwegen en Ierland zijn klassiek anti-Israëlische staten, Spanje is dat sinds in Madrid de socialisten regeren samen met extreemlinks en met steun van ultranationalistische separatisten in Baskenland en Catalonië.
De Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Israel Katz noemt het besluit van de drie landen in de nasleep van het bloedbad van 7 oktober ‘het belonen van terreur’. Kats sprak van de aangekondigde erkenning ‘als de prijs die Hamas en Iran ontvangen’ voor het vermoorden van 1200 Israëli’s, het gijzelen van mannen, vrouwen en kinderen, en het veroorzaken van de oorlog in Gaza.
Feit is dat ‘Palestina’ niet voldoet aan de internationale criteria voor erkenning van staten
De gematigdere Europese landen en de VS vinden dat erkenning van ‘Palestina’ het gevolg moet zijn van een aan de onderhandelingstafel bereikt vredesakkoord. Als landen de Palestijnse staat eenzijdig erkennen, zo redeneren zij, is er geen enkele reden meer voor Jeruzalem en Ramallah te onderhandelen. Ook wil Washington dat de Palestijnse Autoriteit wordt hervormd voordat van erkenning sprake kan zijn. Op dit moment is de P.A. van Mahmoud Abbas een dictatuur die op grote schaal de mensenrechten schendt, geen verkiezingen of oppositie toestaat en een vrije pers de kop indrukt.
Feit is dat ‘Palestina’ niet voldoet aan de internationale criteria voor erkenning van staten. In 1933 legden negentien Amerikaanse landen die vast in de Conventie van Montevideo. Deze ook door de EU overgenomen criteria zijn: 1. een permanente bevolking; 2. een duidelijk gedefinieerd territorium; 3. een regering; 4. de mogelijkheid betrekking met andere staten aan te knopen. Op dit moment voldoet de P.A. slechts aan het eerste criterium. Maar veel Europese landen houden zich nu eenmaal alleen dan aan Europees recht als dit in het nadeel van de Joodse staat Israël uitpakt.